14 december 2017, leestijd 5 minuten.

Goed nieuws voor online afstandsverkoop, de btw-afdracht voor webshops die internationaal (binnen de EU) actief zijn wordt versimpeld. Bedrijven hoeven in de toekomst niet meer in ieder land waar zij actief zijn btw af te dragen, maar kiezen daarvoor één lidstaat.  Dit staat in het wetsvoorstel dat vorige week is ingediend door de Europese Commissie (EC). Het wetsvoorstel zal nog goedgekeurd moeten worden door het Europees parlement en de Raad van Ministers. Hieronder leggen we uit hoe het huidige systeem werkt en wat er verandert.

Huidige systeem

Btw-tarief
Wanneer je als Nederlandse webshop aan consumenten in andere EU-lidstaten producten verkoopt, reken je normaal gesproken het Nederlandse btw-tarief. Je hebt echter ook de keuze om het btw-tarief van het andere EU-lidstaat te hanteren. Dit kan bijvoorbeeld voordelig zijn indien het btw-tarief van een andere EU-lidstaat lager is dan dat van Nederland. Wanneer je in een ander land een ander btw-tarief wil hanteren, dien je dit wel eerst aan te geven bij de Belastingdienst.

De keuze tussen twee btw-tarieven heb je niet meer wanneer jouw verkopen in een ander EU-lidstaat boven een drempelbedrag komen. Die drempelbedragen verschillen per lidstaat. Zo heeft België een drempelbedrag van 35.000,- euro en Duitsland een drempelbedrag van 100.000,- euro. Verkoop je in één jaar meer dan 35.000,- euro aan producten in Belgie, dan ben je vanaf dat moment én het daaropvolgende jaar verplicht om het Belgische btw-tarief te hanteren (het btw-tarief van het land waar de producten geleverd worden).

Btw-afdracht

Hanteer je als webshop het btw-tarief van een ander EU-lidstaat, dan dien je die btw ook af te dragen aan de Belastingdienst van dat land. Daar komen vaak veel adminstratieve lasten bij kijken. Je hebt bijvoorbeeld een apart btw-nummer per EU-lidstaat nodig, de factuurvereisten kunnen per land verschillen en je dient in de verschillende landen ook btw-aangiften in te vullen, die lang niet altijd in het Engels beschikbaar zijn.

Nieuwe wetgeving

De nieuwe Europese wetgeving moet de bovenstaande rompslomp laten verdwijnen. Vanaf 2021 moet een online btw-portaal beschikaar zijn, waar webshops digitaal hun btw-aangifte kunnen doen voor alle EU-landen. De aangifte kan één keer per kwartaal worden gedaan in het thuisland van de webshop. Er hoeft dus niet langer in ieder EU-lidstaat apart btw te worden afgedragen. De nationale belastingdiensten verrekenen vervolgens de geïnde btw onderling met elkaar. In feite nemen de nationale belastingdiensten de Europese btw-afdracht over van de webwinkels.

Met de invoering van het nieuwe systeem verdwijnen ook de nationale drempelbedragen. Om kleine bedrijven te ontzien, wordt een Europees drempelbedrag van 10.000,- euro per jaar ingesteld. Zit je als webwinkel onder dit bedrag met de verkoop naar andere EU-landen, dan hoeft een webwinkel geen gebruik te maken van het EU-btw loket, maar kan de belastingaangifte via de eigen belastingdienst worden afgehandeld.

Het wetsvoorstel betekent een verlichting van de administratieve lasten van webwinkels die verkopen naar meerdere EU-landen. Naast de online verkoop aan consumenten, moet de wetgeving in de toekomst ook worden uitgebreid naar grensoverschrijdende B2B-handel.