Wet op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (‘Sleepwet’); wat zijn de gevolgen?

sleepwet

20 maart 2018. Leestijd 8 minuten.

Aankomende woensdag 21 maart, tegelijk met de gemeenteraadsverkiezingen, zal het raadgevend referendum voor de nieuwe Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (Wiv) plaatsvinden. In principe gaat de nieuwe wet gewoon op 1 mei in, aangezien de uitkomst van het referendum slechts een advies is en dus niet bindend voor de regering en het parlement. Zo heeft CDA-leider Buma al aangegeven dat het kabinet een negatieve uitkomst van het referendum zal negeren. Maar zodra deze zogenaamde ‘sleepwet’ inderdaad in werking treedt, wat zijn dan de gevolgen en moet men zich hier zorgen over maken?

Ten opzichte van de oude wetgeving, zijn er een viertal gevolgen te noemen die de grootste veranderingen teweeg zullen brengen. Hieronder gaan wij puntsgewijs in op de gevolgen en tenslotte op de manier waarop de uitvoering van de wet gecontroleerd wordt en hoe lang gegevens bewaard mogen worden.

  1. Er mag een zogenaamd ‘sleepnet’ worden ingezet om massaal online communicatie af te luisteren, ook van niet-verdachte burgers.

Dit betekent dat bijvoorbeeld een woonwijk of treinstation afgeluisterd mag worden. Dit mag alleen als er in een dergelijk gebied iemand is gesignaleerd die een gevaar zou vormen voor de nationale veiligheid. Het afluisteren van een heel gebied is echter technisch gezien vrij onwaarschijnlijk. Binnen wijken en steden zijn namelijk verschillende providers actief. De kans is een stuk groter dat de geheime diensten internetverkeer uit andere landen gaan aftappen, zoals Rusland.

  1. Alle geautomatiseerde apparaten mogen gehackt worden. Ook apparaten van derden mogen worden gehackt.

Denk bijvoorbeeld aan jouw computer, telefoon of zelfs aan uw auto of horloge. De geheime diensten mogen deze apparaten binnendringen om iemand te observeren of gegevens te kopiëren.

Ook mag apparatuur van derden gehackt worden, om op die manier toegang de krijgen tot de apparatuur van concrete doelwitten.  Praktisch gezien betekent dit dat de inlichtingendienst informatie afkomstig van apparatuur van deze derden mogen gebruiken en zelfs bepaalde virussen op deze apparaten kunnen plaatsen. Betekent dit nu dat de veiligheidsdiensten jouw WhatsApp gesprekken kunnen lezen? Nee, vooralsnog niet.

Diensten als WhatsApp maken gebruik van encryptie, waardoor de gegevens versleuteld zijn. De veiligheidsdiensten hebben dus geen toegang tot de daadwerkelijke gesprekken, maar wel tot andere gegevens zoals tijdstippen van versturen en ontvangen.  Het zou echter zo kunnen zijn dat de inlichtingendiensten de encryptie van WhatsApp op een bepaald moment wel weten te kraken en op die manier alsnog toegang hebben tot jouw gesprekken.

  1. Er mag een geheime DNA-databank aangelegd worden waar iedereen in terecht kan komen.

Dit onderdeel uit de nieuwe Wiv wordt nauwelijks naar voren gehaald door de media. Volgens hoogleraar Bert-Jaap Koops van de Universiteit van Tilburg is dit echter de “meest verrassende uitbreiding van de bevoegdheden van de geheime diensten en de meest onnodige”, zo sprak hij in een interview met De Groene Amsterdammer. Volgens Koops is het invoeren van een DNA-databank zeker niet de enige manier om de identiteit van zelfmoordaanslagen te achterhalen: “Je kunt de familie van de vermoedelijke dader ook vragen om een beetje DNA af te staan. Natuurlijk is het voor de AIVD nuttig om de DNA-profielen van potentiele aanslagplegers te hebben, maar nut is niet hetzelfde als noodzaak“, aldus Koops. Momenteel is de bevoegdheid tot het verzamelen van DNA bovendien niet beperkt tot het geval van zelfmoordterrorisme.

Ook mag het DNA-materiaal gebruikt worden voor ‘verdere verwerking’, inhoudende ‘verwerking ten behoeve van andere inlichtingenonderzoeken dan waarvoor het DNA-onderzoek aanvankelijk was aangevraagd, en op verstrekking aan een andere instantie’. Dit geeft de geheime diensten erg veel vrijheid in het gebruik van DNA. Bovendien kan de wetgever in de toekomst nog besluiten om de reikwijdte en doeleinden van DNA-onderzoek te verruimen.

  1. Verzamelde data mag met buitenlandse inlichtingendiensten gedeeld worden, ook zonder deze eerst geanalyseerd te hebben.

Het wetsvoorstel biedt ruime mogelijkheden om eenmaal onderschepte gegevens uit te wisselen met andere partijen.

In beginsel spelen de veiligheidsdiensten alleen informatie door aan de politie en het Openbaar Ministerie (als de nationale veiligheid in het geding komt). In bepaalde gevallen mag verzamelde data echter ook met buitenlandse inlichtingendiensten gedeeld worden. De Autoriteit Persoonsgegevens uitte hier al eerder kritiek op en gaf aan dat er onder meer niet-geëvalueerde gegevens worden verstrekt aan buitenlandse inlichtingen- en veiligheidsdiensten, waarbij van tevoren niet duidelijk is welke informatie van Nederlandse burgers precies wordt verstrekt. De diensten weten dan niet waar de gegevens precies over gaan en kunnen geen goede inschatting maken van de gevolgen van het delen hiervan. Minister Ollongren van Binnenlandse Zaken heeft wel toegezegd dat vooraf over bepaalde samenwerkingspartners wordt besloten of het veilig is om dit soort communicatie te delen.

En wie controleert dit dan?

De veiligheidsdiensten mogen de bovenstaande bevoegdheden natuurlijk niet zomaar inzetten. Allereerst is er toestemming nodig van de minister. Daarnaast is er een onafhankelijke toetsingscommissie aangesteld die de aftapverzoeken gaat goed- of afkeuren; de TIB. Deze commissie bestaat uit oud-rechters en een technisch expert en wordt samengesteld in overleg met de Nationale Ombudsman, de vicepresident van de Raad van State en de president van de Hoge Raad. Op deze manier probeert men de onafhankelijkheid zo goed mogelijk te waarborgen. Toch wordt er kritiek geuit op deze commissie. Onder andere de Autoriteit Persoonsgegevens en de Raad van State vrezen dat dit een ‘stempelmachine’ zal worden en kritisch toezicht zal ontbreken.

Er volgt echter nog een toets. Als de AIVD of de MIDV toestemming krijgt van deze TIB-commissie, komt de Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIVD) in beeld. Als de CITVD niet (direct) instemt met de door de TIB gegeven toestemming, kan deze alsnog onderzoek doen en daarover rapporteren aan het parlement.

Echter, deze bevindingen hoeven vervolgens slechts te worden voorgelegd aan de TIB, welke natuurlijk al eerder goedkeuring verleend heeft. Dat spreekt het streven naar onafhankelijkheid nogal tegen. Alleen indien een burger een klacht heeft ingediend betreffende onderzoek van de AIVD of de MIVD, kan de CITVD een bindend advies geven. Echter zijn burger slechts zelden op de hoogte van dergelijke onderzoeken, dus hoe groot is de kans dat zij een klacht in zullen dienen?

Wat gebeurt er met die gegevens die ze verzamelen?

De verzamelde gegevens mogen volgens de nieuwe wet voor drie jaar bewaard worden, zolang de relevantie hiervan nog niet is onderzocht. Er is hierbij geen harde verplichting voor de diensten om dit zo snel mogelijk te onderzoeken en hier hebben ze in principe dan ook drie jaar de tijd voor. Er is veel kritiek op deze bewaartermijn. Zo bewaart de Engelse geheime dienst gegevens zes maanden en de Duitse geheime dienst slechts drie maanden. De Nederlandse geheime diensten denken echter dat zo’n 95 tot 98 procent van wat binnengehaald is, snel weer wordt vernietigd. Slechts de overgebleven informatie mag drie jaar worden bewaard.

Conclusie; voor verbetering vatbaar

Er zijn duidelijk een aantal punten in de nieuwe versie van de Wiv die aan verbetering toe zijn. De controle op verlening van de aftap bevoegdheden moet aangescherpt worden, bijvoorbeeld door aan de CITVD ruimere bevoegdheden toe te kennen. Ook moet de bewaringstermijn ingekort worden. Het verzamelen van DNA-materiaal zou bovendien beperkt moeten worden tot bepaalde, vooraf vastgestelde gevallen en gebonden moeten zijn aan een bepaald ‘verzameldoel’. Verder zouden er strengere eisen gesteld moeten worden betreffende de uitwisseling van verzamelde gegevens met derden.

Niettemin staat vast dat de Wiv uit 2002 aan vernieuwing toe is. Of de huidige versie hier de beste uitvoering van is, is een tweede. Na aankomende woensdag 21 maart zal de regering en het kabinet merken hoe burgers tegen de nieuwe wet aan kijken. Voor voorkomen is het te laat, maar wie weet valt er nog iets te genezen.

Deze bijdrage is geschreven door student-stagiaire Sophie Verhoeven